RvA downloaden
Download hier de Reclame-code voor Alcoholhoudende dranken
De Reclamecode voor Alcoholhoudende dranken verschijnt alleen als .pdf document en niet in gedrukte vorm. Het is een interactieve .pdf die is geoptimaliseerd voor gebruik in Adobe Reader of Adobe Acrobat. Via de vele hyperlinks in het document is het navigeren in het document zeer eenvoudig. Het document kan ook
uitgeprint worden, kies daarbij voor de optie 'Afdrukken aan afdrukbaar gebied' bij 'Pagina-afhandeling -> Pagina-schalen' voor een optimale weergave van het document op papier.
De engelse vertaling van de RvA in pdf is nu ook beschikbaar.
Klik hier voor de Engelse vertaling van de RvA.
September
STAP vs. Grolsch (2010/00579)
A: Klacht:Volgens de klager zijn de modellen in de eerste scène van de commercial van Grolsch jonger dan 25 jaar. Ook het thema ‘Doen wat in je opkomt’ past naar mening van de klager bij een jonger publiek. Ook de jongen in de bus vindt klager een twijfelgeval wat betreft leeftijd.
De slotscène, waarin drie jongeren proosten met Grolsch beugelflessen en de zin ‘Op doen wat goed voelt’ in beeld komt met daarin verwerkt logo van Grolsch, suggereert onder meer dan het ‘goed voelt’ om Grolsch te drinken. Volgens klager is dat in strijd met artikel 6 lid 1, 2, en 3.
B: Verweer:
Adverteerder geeft aan dat modellen ouder zijn dan 25 jaar en betwist dat de modellen jonger lijken. In de commercial zijn mensen te zien die hun eigen keuzes maken en daarnaar handelen. De zin aan het einde ‘Op doen wat goed voelt’ verwijst naar deze eigenzinnigheid. Op deze eigenzinnigheid wordt geproost, hetgeen door de consument als zodanig wordt begrepen. Niet zal de consument uit de commercial opmaken dat bier een noodzakelijk voorwaarde is voor het zich goed voelen.
C: Oordeel & Beslissing:
Uit de meegedeelde geboortedata van de modellen blijkt dat de modellen 25 jaar zijn. Naar het oordeel van de Commissie lijken de modellen in de bewuste scènes evenmin jonger dan 25 jaar. Het proosten ‘Op doen wat goed voelt’ verwijst duidelijk naar de voorafgaande scènes. Geproost wordt aldus op alle eigenzinnige levenswijzen in de voorafgaande scènes worden uitgebeeld. Naar het oordeel van de commissie is er geen sprake van het wijzen op een ontremmende werking van alcoholhoudende drank en /of mogelijke voor de gezondheid gunstige effecten van het nuttigen van alcoholhoudende drank. Evenmin wordt naar haar oordeel gesuggereerd dat het drinken van alcohol de lichamelijke of geestelijke prestaties verbetert.
Alkma vs. Grolsch (2010/00550)
A: KlachtDe klacht betreft de Commercial van Grolsch. Klaagster stelt dat de uitgebeelde scènes tegenstrijdig zijn aan het beleid van de overheid. De jongeren vertonen onacceptabel gedrag en dat is geen goed voorbeeld voor jongeren. De klaagster acht de reclame verwerpelijk, omdat ongepast gedrag wordt vertoond.
B: Adverteerder betwist dat zij in strijd handelt met het beleid van de overheid. Zij wil slechts de eigenzinnigheid en keuzevrijheid van personen benadrukken. Adverteerder meent dat zij niet in strijd heeft gehandeld met NRC of RvA.
C: Oordeel & Beslissing:
Klaagster stelt dat een slecht voorbeeld wordt gegeven aan jongeren en zij wijst in dit verband op het overheidsbeleid. In dit kader is van belang dat in de commercial slechts personen van 25 jaar of ouder zijn te zien. Er is niet gebleken dat reclame voor 21.00 uur getoond zou zijn. Gelet op het voorgaande gaat de Commissie ervan uit dat reclame niet gericht is op minderjarigen.
Voor het overige leest de Commissie de klacht aldus de klaagster de commercial in strijd acht met artikel 5 RvA, waarin onder meer is bepaald dat reclame voor alcoholhoudende drank niet in strijd mag zijn met goede smaak en het fatsoen. Naar het oordeel van de commissie is er geen sprake van ongepast gedrag of gedrag dat in strijd zou zijn met het genoemde artikel.
STAP vs Bavaria en Oad Reizen (2010/00606)
A: Klacht:Het betreft een advertentie in de metro van 13 juli, waarin reclame wordt gemaakt voor reisaanbiedingen van Oad. Onder meer is een dame in oranje bikini, liggend op het strand afgebeeld. Hieronder staat de volgende tekst: ‘Zo. Nu lekker op vakantie’. Het lijkt alsof deze reclame-uiting van Oad reizen in samenwerking met Bavaria is gemaakt. De term ‘Zo’.doet denken aan de reclame voor Bavaria en de Bavara Babes. Klager is van mening dat er sprak is van sluikreclame. Nu er sprak is van reclame voor alcoholhoudende drank, de uiting in strijd is met artikel 31 RvA aangezien de verplichte slogan ontbreekt.
B: Verweer:
Bavaria stelt dat de bewuste uiting niet afkomstig is van Bavaria. Oad betwist dat de reclame in samenwerking met Bavaria is opgesteld. De bewuste campagne is een knipoog naar de polemiek die tijdens het WK is ontstaan. Uit de reclame-uiting blijkt duidelijk dat Oad afzender is.
C: Oordeel & beslissing:
Dat de uiting gemaakt zou zijn in samenwerking met Bavaria wordt door beide verweerders betwist. Duidelijk is sprake van een uiting van Oad en er is niet gebleken dat Bavaria betrokken is geweest bij het maken van of invloed heeft uitgeoefend op. Dus er kan niet worden geoordeeld dat Bavaria medeverantwoordelijk is. De verwijzing naar gebeurtenissen in de media rond Bavaria Babes en het gebruik van de in de Bavaria-campagnes ‘Zo’., maakt naar het oordeel van de commissie niet dat er sprake is van reclame voor alcoholhoudende drank.
STAP vs. Heineken (2010/00571)
A: Klacht:
Het betreft situaties dan wel uitingen ten tijde van de huldiging op 13 juli van het
Nederlands voetbalelftal na het WK.
De klacht kan als volgt worden samengevat:
Artikel 1: grote pullen Heineken bier getoond, spelers met flesjes Heineken in hand en enkele kratten op de boot.
Artikel 6.4: doordat topvoetballers worden geassocieerd met alcohol, wordt suggestie gewekt dat drinken van alcohol op positieve wijze bijdraagt aan sportprestaties
Artikel 10: in de reclame-uitingen wordt gebruik gemaakt van voetbalhelden
Artikel 11 en 13: Heineken gadgets zijn uitgedeeld aan minderjarigen
Artikel 15: door tijdens evenement waar al veel gedronken wordt, op verschillende manieren reclame te maken voor bier, is sprake van een extra risico
Artikel 17: op spelersboot zijn verschillende openbare aanprijzingen voor alcohol gevoerd zonder waarschuwing
Artikel 21 en 22: cijfers aantal minderjarigen dat werd bereikt door reclame voor alcohol tijdens de huldiging en door uitzendingen op televisie
Artikel 28: voetballers hielden pullen en flesje Heineken bier omhoog en zwaaiden met Bertje-vlaggen en Van der Vaart en Schneijder droegen beiden een Bertje shirt.
B: Verweer:
De klacht is gemotiveerd weersproken en mondeling toegelicht.
C: Oordeel en beslissing
Artikel 1
De pul bier is door Heineken verstrekt, maar deze was niet bestemd om door één persoon te worden leeg gedronken. Dranken aan boord zijn niet verzorgd door Heineken, maar door KNVB. Door de spelers is niet alleen bier, maar ook frisdrank gedronken. Dit is onderbouwd door fotomateriaal. Naar het oordeel van de Commissie heeft verweerder geen overmatige alcoholconsumptie gestimuleerd dan wel getoond.
Artikel 6.4
De commissie is van oordeel dat met het tonen van de bewuste spelers, die tijdens de huldiging een biertje drinken, niet wordt gesuggereerd dat de consumptie van alcoholhoudende drank de sportprestatie positief wordt beïnvloed.
Artikel 10
Nog daargelaten dat verweerder in het beginsel niet verantwoordelijk kan worden geacht voor het feit dat de voetballers tijdens de huldiging bier drinken, volgt de Commissie klager niet in zijn mening dat voetballers als tieneridolen worden beschouwd.
Artikel 11 en 13
Verweerder stelt dat onder, verwijzing naar de door haar bij haar verweer gevoegde callsheets, dat de promotieteams de strikte opdracht hebben gekregen om de gadgets niet aan minderjarigen te verstrekken. De commissie acht verweerder niet verantwoordelijk voor het feit dat een minderjarige jongen op de foto met de ‘Bertje’ vlag zwaait. Artikel 11 is op deze situatie niet van toepassing.
Artikel 15
Van schending van artikel 15 is geen sprake.
Artikel 17
De Commissie is van oordeel dat er geen sprake is van het tonen van een aanprijzing voor alcoholhoudende drank op een vervoermiddel zoals bedoeld in artikel 17. Hetzelfde geldt dat er op de boot met een ‘Bertje’ vlag wordt gezwaaid.
Artikel 21 en 22
De verweerder heeft aangevoerd dat zij onderzoek heeft verricht naar de vorige huldiging van 1988 en dat is gebleken dat tijdens deze huldiging het publiek voor minder dan 25% uit minderjarigen bestaat. Tevens voert zij aan dat de bevolking in Nederland voor gemiddeld 83,5% uit volwassen bestaat en stelt dat op het beeldmateriaal van de huldiging te zien is dat het merendeel van de aanwezigen meerderjarig is. De Commissie acht het aannemelijk dat het publiek voor minder dan 25% uit minderjarigen bestaat. Verweerder kan niet verantwoordelijk worden geacht voor nieuwsuitzendingen.
Artikel 22 is niet van toepassing.
Artikel 28
Verweerder heeft gesteld dat het feit dat enkele spelers de ‘Bertje’ artikelen hebben gedragen, niet is verbonden aan een door haar geplande promotie. Gelet hierop kan niet worden geoordeeld dat verweerder reclame voor alcoholhoudende drank heeft gevoerd op een sporter. Evenmin wordt naar het oordeel van de commissie met de tekst ‘Bertje’ op zichzelf het artikel geschonden.
D: Opmerking STIVA
Deze uitspraak bewijst het belang van een goede documentatie. Dat deze klacht is afgewezen kwam doordat Heineken goed kon documenteren hoe het promotieteam vooraf gebrieft is en met cijfers van een andere huldiging kon aantonen dat minder dan 25% van het publiek minderjarig was.

